| Home | Afrika | Azië | Europa | Noord-Amerika | Oceanië | Zuid-Amerika |  
 
Amstel Gold Race
Verslag

 
Home > Specials > Amstel Gold Race


Fietsliefhebber ben ik al jaren, maar tot voor kort was dat een hobby die ik vooral vanaf de bank beoefende. Bij de Amstel Gold Race ging het meer om het eerste dan om het laatste woord: met een biertje in de hand de Nederlandse renners uitfoeteren omdat ze alwéér een waardeloze prestatie leveren. Slapjanussen!

In 2010 is alles echter anders. Ik was al enige tijd in training voor een weekje fietsen in de Franse Alpen en de Amstel Gold Race paste perfect in mijn voorbereiding. Vijf man en twee vrouw sterk besloten we de toertocht in het Limburgse heuvelland te doen: de mannen 150 kilometer, de vrouwen 100 kilometer. Een mooi gezelschap. Ik verheugde me vooral op de beklimmingen aan de zijde van José Ojeda Lerma, een flamboyante Spanjaard die de neiging heeft als een waanzinnige aan een heuvel te beginnen en zichzelf dan volledig op te blazen. Iedere keer weer.

De voorpret was in elk geval leuk. Maar zo'n onderneming blijkt in de praktijk toch ook afzien te zijn. Op zaterdagochtend om vijf uur naast je bed staan, wat vanillevla met chocoladecruesli naar binnen scheppen en dan haasten naar de start. Tussen de hordes andere deelnemers (in totaal startten er 12.000) vochten we ons naar wat krentenbollen en powerrepen en toen kon de koers beginnen. Onze eerste bevindingen: koud! Verschrikkelijk koud! Het is eind april, hoort het dan 's ochtends nog -1 graden te zijn? Kevin Gerrits, toch al iemand die het zonder enig isolerend spek moet stellen, was gestart in een korte broek en had het in het begin dus extra zwaar.

Maar goed, dat was het begin. Al snel draaiden we warm op heuveltjes als de Geulhemmerberg en de Bemelerberg en ging de temperatuur ook nog eens flink omhoog. Opeens was die korte broek helemaal niet zo'n slecht idee. Gaandeweg de koers merkte ik ook dat mijn trainingskilometers effect hadden gehad.



De klimmetjes gingen soepel en samen met Marcel Neervoort lieten we de anderen achter. De zwaarste stukken moesten toen nog komen. De combinatie van de Kruisberg (800 meter, steil) en de Eyserbosweg (1100 meter, nog steiler) is pittig. De Keutenberg spant echter de kroon, met een maximaal stijgingspercentage van 22% de steilste heuvel van Nederland. Voor het geval dat dat je niets zegt, heb ik even een tekeningetje gemaakt hoe je dan op de fiets zit. Dít is 22 procent:



Bij de finish hoorden we dat de rest het onderweg nogal te verduren had gehad. Raymond 'Boertje' de Boer had op spectaculaire wijze zijn fiets gesloopt. Met een derailleur die op het asfalt ligt kun je niet fietsen en twee uur en drie kwartier na ons bereikte Boertje op een reservefiets de finish. Hij heeft les 1 van de wieleramateur in elk geval goed begrepen: geef altijd je materiaal de schuld. Ik was er niet bij, maar ik kan me voorstellen hoe het écht is gegaan:

  • Boertje rijdt vloekend en buiten adem een steile heuvel op. Hij gaat de top niet fietsend halen.
  • Boertje stapt af, smijt zijn fiets op de grond en geeft een paar flinke trappen tegen het achterwiel.
  • Boertje wandelt verder en trekt zijn somberste gezicht zodra hij de anderen ziet.
  • Boertje legt uit dat hij in uitstekende vorm is, maar dat hij spijtig genoeg is geveld door materiaalpech.
  • Boertje wacht tot de eerder gefinishte vrouwen een reservefiets komen brengen, legt die vervolgens in een auto en rijdt door naar de finishplaats. Daar stapt hij weer op om fris als een hoentje boven te komen op de slotklim.

Ach, het doel heiligt de middelen. Iedereen had uiteindelijk de finish bereikt en in redelijk heldere staat. Energie om 's avonds nog een Amstel te drinken hadden we echter nauwelijks. Dit jaar was het voor het eerst meer race dan bier.

Gelukkig kon ik zondag weer in mijn vertrouwde patroon vervallen. Dit keer kwam de koers niet voorbij op de eigen televisie, maar op een paar meter afstand op de Eyserbosweg. We constateerden dat Neerlands trots Lars Boom hier al hulpeloos achter het peloton aanzwoegde. Vlak voor de tweede passage veerden we echter op. Johnny Hoogerland in de aanval! Jawel, Johnny Hoogerland! Lomp met je krachten smijten op de totaal verkeerde momenten! Prachtkerel! Het bleek echter niet Hoogerland, maar de volstrekt incompetente Italiaan Marco Mercato te zijn. Zo jammer.



Het werd weer niets met de Nederlanders. Veteraan Karsten Kroon was met een negende plaats nog de beste. Het podium? Een Belg, een Canadees en een Italiaan. Wat vinden we daarvan? Juist: slapjanussen!

 
Uitgelicht
| 1 | 2 | 3 | 4 | 5 |
| Bezochte landen | Reismascotte | Specials | Favoriete sites | Linkpartners | Gastenboek | Contact |

Tekst en foto's © Jelger van Weydom