|
Home > Zuid-Amerika
> Reisverslag Bolivia
Twee jaar geleden verbleven mijn vrienden
Mike Veldhuis en Rogier Dorant bijna drie
maanden in Zuid-Amerika. Hoewel zij op een
bepaald moment op minder dan een dag reizen
van de Salar de Uyuni waren, besloten zij
dat het niet de moeite was om die extra kilometers
om te rijden. Die twee heren wil ik bij deze
graag het volgende mededelen: sukkeeeellllllls!!!
Vanwaar deze kinderachtige reactie? Welnu,
de zoutmeren in Bolivia zijn volgens mij
zo’n beetje het mooiste wat dit continent
aan landschappen te bieden heeft. Niet alleen
vind je hier eindeloze zoutvlaktes, maar
ook meren in allerlei kleuren. De namen
verraden wat dat betreft veel: het Laguna
Blanca is wit, Laguna Verde groen en het
Laguna Colorada bevat een hele reeks kleuren
en bovendien een enorme hoeveelheid flamingo’s.
Buitengewoon mooi allemaal. Om de een of
andere reden schijnt iedereen die deze locatie
bezoekt een foto te willen maken van springende
mensen. Ik zou niet weten waarom, maar dat
doen we dan maar.
De tour maakte ik samen met een groep
studenten die vanuit de hele wereld naar
de universiteit van Santiago zijn getrokken.
Dat was erg gezellig en bovendien vaak erg
grappig. Naast een Nederlander die Spaans
wilde leren waren er Duitsers die Nederlands
wilden spreken, een Mexicaan die Duits wilde
praten, Amerikanen die hun Franse woordenschat
trachtten te verbeteren, een Australiër
die zich verbaasde over mensen die meer
dan twee talen speken en een Française die
het allemaal wel best vond en alleen maar
irritante muziek in de jeep draaide. Een
mooie vicieuze cirkel al met al. Alhier
een groepsfoto voor een rots die door Salvador
Dali zelf geschilderd lijkt te zijn:
Een van de grappige facetten aan de zoutvlakte
is dat je (op foto’s althans) geen diepte
ziet. En dan krijg je dus weer allemaal
mensen die de meest rare fratsen uithalen
om maar een hilarische foto mee naar huis
te kunnen nemen. En natuurlijk vind ik dat
zelf ook erg leuk, want toerist ben je immers
24 uur per dag. Kijk eens hoe vreselijk
sterk en groot ik op deze foto ben?
Na de driedaagse tour scheidden onze wegen
zich alweer. Acht uur in een rammelende
bus verder ligt Tupiza, waar je ook weer
allerlei excursies kunt doen. Zo is er de
Butch Cassidy and the Sundance Kid-tour,
naar de film die alleen al vermaard is vanwege
de hilarische scène waarin het duo een bank
probeert te overvallen met behulp van een
Spaans woordenboek. Maar die tour betekende
een dag in een jeep zitten en kostte ruim
dertig euro, dus koos ik voor een
paardrit van drie uur en twee tientjes minder.
Verkeerde zuinigheid, zo bleek. Die dingen
zitten waardeloos en zijn niet te besturen.
Op een mountainbike kun je tenminste zelf
bepalen waar je heen wilt. Maar goed, de
uitzichten waren wel heel mooi. De gids
zorgde overigens voor een unicum, door me
er zelf op te wijzen dat het gebruikelijk
is na afloop van de rit een fooi te geven.
Omdat ik hem toch al irritant vond, besloot
ik de fooi die ik in gedachten had maar
te halveren. Daarna beende hij snel weg
zonder ook maar iets te zeggen: weer een
unicum.
Inmiddels ben ik de grens met Argentinië
overgestoken en bevind ik mij in de stad
Salta. Wederom een lange reisdag, maar die
valt best mee als twee Engelsen achter je
de gehele reis de discussie voeren wie de
betere acteur is: Chuck Norris of Steven
Seagal? Mijn volgende update zal hoogstwaarschijnlijk
worden: Salta en Mendoza. Hasta luego!
|